De gamechanger in gecontroleerd linnenbeheer
Een grote innovatie in de wasserij van Nedlin Healthcare is de integratie van UHF RFID-technologie in het volledige productieproces van het platgoed. Van de binnenkomst van het linnen tot de uitgifte: de chips worden op cruciale plekken in de wasserij automatisch geregistreerd en gekoppeld aan afleverbon en -locatie. Een unicum, vertelt Commercieel Directeur Andrea Meuwissen, met volop voordelen voor klanten én wasserij.
Andrea, wat is UHF RFID-Technologie eigenlijk?
“UHF staat voor Ultra High Frequency, RFID voor Radio Frequency Identification. Het is een technologie waarmee je op afstand data kunt uitlezen. Daartoe is een deel van ons platgoed voorzien van een RFID-chip. Met UHF RFID kunnen artikelen individueel én in bulk worden uitgelezen. Op zichzelf is dat niet revolutionair. Maar de uitgelezen data zijn alleen 100% betrouwbaar als de techniek volledig in de productieflow geïntegreerd is, en dat is hier het geval. Er is geen enkele andere wasserij die dat zo geborgd heeft.”
Waarom zijn die data zo belangrijk?
“Nedlin doet er alles aan om te zorgen dat klanten altijd voldoende linnen hebben, op het juiste moment en op de juiste plek. Daarbij zijn drie factoren van belang. Ten eerste is er het linnen dat vanuit klanten terugkomt. Onze klanten zijn namelijk óók onze leveranciers. Het linnen dat we vuil binnenkrijgen, is het linnen dat we - aangevuld met een dagelijkse injectie van nieuwgoed - schoon kunnen uitleveren.
Ten tweede is er de doorstroming in de wasserij. Is het proces in orde, klopt de voorraad? Hebben we voldoende volume verwerkt? En ten derde is de wasserij verantwoordelijk voor een constante instroom van nieuw linnen, want er kan altijd iets stuk gaan, of verdwijnen. Door de uitgelezen data in een Power BI-dashboard te analyseren, krijgen we nog meer grip op deze drie factoren.”
Wat laten die data dan zien?
“Voor de inkoop van het linnen geven de RFID-chips ons veel stuurinformatie. Zo hebben we voor 2025 een jaarplanning gemaakt voor de inzet van nieuw linnen, gebaseerd op de gemiddelde verliespercentages per artikel van afgelopen jaar. Zodat we niet reactief inkopen, maar artikelen proactief inzetten. Hierdoor kunnen we onze linnenpool veel beter op peil houden en ons aanbod beter laten aansluiten op de vraag van onze klanten.”
En als je kijkt naar de eerste factor, de klant als leverancier?
“Veel afdelingen doen het gewoon prima. Maar specifieke artikelen, en soms ook specifieke afdelingen, vallen in positieve of negatieve zin op. We vermoeden bijvoorbeeld al langer dat er een groot verlies van linnen bij de eerste hulp is, doordat bedlinnen met de ambulance meegaat. Nu zien we aan de hand van de cijfers dat dit inderdaad ook echt het geval is.
Waar blijft dat linnen dan?
“Die vraag is lastiger te beantwoorden. Kinderinfuushemdjes blijken bijvoorbeeld een ontzettend lange doorlooptijd te hebben. Die liggen vermoedelijk stil in kastjes. Infuushemden voor volwassenen worden waarschijnlijk vaak weggegooid. Maar waar de luiers en omslagdoeken blijven… We kunnen alleen zien dat ze niet meer terugkomen in de wasserij.”
Wat kun je dan met die data?
“Het gesprek dat we met klanten voeren, verandert door de inzichten die we met deze technologie opdoen. Linnenbeheerders zijn er heel blij mee, want zij kunnen - net als wijzelf - veel gerichter het gesprek aangaan: wij met onze klanten, en zij met de eigen afdelingen. ‘Kijk, hier gaat het goed, maar hier nog niet. Hoe kan dat? Wat kunnen we er samen aan doen om ook die afdeling, of dat artikel, naar het gewenste niveau te tillen?’”
Wat levert dat uiteindelijk op?
“Klanten zien aan de cijfers dat we hen echt nodig hebben om weer een volgende stap te zetten. Als we die verdwijnpercentages aanpakken, houden we samen de kosten in de grip. Misschien gaat het per afdeling maar om enkele stuks per dag of week. Maar bij elkaar opgeteld zijn dat hele grote aantallen. Daarnaast is er minder afval, dus het is duurzamer. En het eindresultaat is voor iedereen beter. Zo maken we samen het verschil.”